HealthScorer

EAT-26 eetgedrag-test

Gratis EAT-26 online test. 26 items, 5 minuten. Garner 1982 vragenlijst — een van 's werelds meest gebruikte screeningtools voor eetstoornissen.

Laatst bijgewerkt: Bronnen geverifieerd:

Wat EAT-26 meet

EAT-26 is een houdingsscreening met 26 items voor eetstoornissen bij volwassenen. Ontwikkeld in 1979-1982 door David Garner en collega’s aan het Toronto General Hospital — de oorspronkelijke 40-item versie werd in Garner 1982 (Psychological Medicine 12:871-878, PMID 6961471) ingekort tot 26 items en behoort sinds vier decennia tot de meest gebruikte eetstoornis-screenings ter wereld.

De 26 items beslaan drie subschalen: Dieting (de grootste — angst voor gewichtstoename, caloriebewustzijn, restrictie), Bulimia & food preoccupation (eetbuien, mentale ruimte ingenomen door eten, drang tot braken) en Oral control (eten in gezelschap, zelfcontrole rond eten, sociale druk rondom eten). Elk item wordt gescoord op een 6-punts Likertschaal van Altijd tot Nooit. Items 1-25 scoren punten alleen voor de drie meest symptomatische antwoorden (Altijd = 3, Meestal = 2, Vaak = 1, rest = 0); item 26 is omgekeerd. Bereik: 0-78.

De cut-off van 20 is gekozen omdat hij vrijwel de gehele klinische steekproef in ontwikkeling oppikte zonder het grootste deel van de niet-klinische steekproef te flaggen. De 20+-band heeft een positief voorspellende waarde van 70-80% voor een eetstoornisdiagnose in niet-klinische screeningspopulaties.

Hoe je score wordt berekend

ScoreBandWat het signaleert
0-19Onder cut-offHoudingspatroon onder de drempel die de auteurs als zorgwekkend markeren
20-78Boven cut-offPatroon dicht bij klinische steekproeven — klinische evaluatie aanbevolen

EAT-26 is een houdingsscreening, geen gedragsscreening. Het officiële protocol stelt apart vijf gedragsvragen (eetbuien, zelfopgewekt braken, gebruik van laxeermiddelen/diuretica voor gewichtsbeheersing, compensatoire sport, gewichtsverlies meer dan 9 kg in 6 maanden). Elk van die gedragingen verdient een klinisch gesprek, ongeacht de score.

Wat je score betekent

Een score van 0-19 is de band die Garner 1982 zag bij de meeste volwassenen zonder eetstoornis, inclusief degenen die op hun gewicht letten of vluchtige gedachten over eten hadden. Een lage score sluit een probleem niet uit — mensen met BED, atypische anorexia of subklinische worstelingen kunnen onder 20 blijven. De nuttigste vraag aan jezelf: nemen eten, gewicht of vorm zoveel mentale ruimte in dat ze andere dingen wegdrukken? Zo ja, dan stelt de score minder gerust dan hij lijkt.

Een score van 20-78 ligt op of boven de drempel. Het gerapporteerde houdingspatroon ligt dichter bij wat Garner zag in klinische steekproeven. Het is een screening, geen diagnose — maar een gesprek met een clinicus binnen de komende weken is de juiste volgende stap. Ongeveer 5-10% van de algemene volwassen bevolking scoort 20+ op enig moment; velen in actieve of subklinische strijd.

Eetstoornissen komen voor bij elke lichaamsmaat

Een van de hardnekkigste mythes in eetstoornisszorg zegt dat je er ongezond moet uitzien om hulp te verdienen. Onjuist. Atypische anorexia — volledige anorexia-psychopathologie bij ‘normaal’ of hoger gewicht — wordt steeds meer erkend als drager van dezelfde medische en psychologische risico’s. BED, de meest voorkomende eetstoornis, presenteert zich meestal bij gemiddeld of hoger gewicht. Boulimie meestal bij normaal gewicht. Zichtbare slankheid is niet de drempel; gedrag en lijden wel.

Ongeveer 1 op de 4 gevallen van anorexia en boulimie komt voor bij mannen, en BED is dichter bij genderpariteit. Mannen worden minder opgemerkt, vragen minder hulp en worden minder verwezen. Bij een score van 20+ als man is het even relevant.

Hoe moderne behandeling er echt uitziet

Het beeld van gedwongen voeding is decennia verouderd. Moderne eetstoornisszorg is zacht, op gesprek gebaseerd en werkt met je, niet tegen je.

  • Enhanced Cognitive Behavioural Therapy (CBT-E, Fairburn) — eerstelijnsbehandeling voor volwassenen met boulimie, BED en de meeste anorexia-gevallen bij niet-acuut gewicht. 20-40 sessies.
  • Family-Based Treatment (FBT, Lock & Le Grange) — eerste keus voor adolescenten met anorexia. Ouders worden getraind in herstel-eten thuis onder klinische begeleiding. Herstelpercentages rond 50-60% na 12 maanden.
  • MANTRA — door NICE aanbevolen optie voor volwassen anorexia, gericht op de cognitieve en interpersoonlijke stijl die restrictie in stand houdt.
  • Klinisch diëtist + GGZ-clinicus samenwerkend: het standaardteam. De huisarts kan beide inschakelen.

Huidige richtlijnen — Zorgstandaard Eetstoornissen (Akwa GGZ, Nederland), NICE NG69 (VK), APA Practice Guideline 4e editie (VS) — convergeren op de evidentiebasis. De meeste mensen die in de eerste 3 jaar van de ziekte worden behandeld, doen het goed. De meeste volledige herstellen vinden plaats binnen 5-7 jaar.

Wanneer je dringend medische hulp moet zoeken

Eetstoornissen vormen de dodelijkste categorie psychische ziekten — anorexia nervosa heeft een van de hoogste sterftecijfers onder psychiatrische diagnoses. De meeste sterfgevallen zijn door medische complicaties en suïcide. Het volgende is medisch urgent:

  • Meer dan 24 uur niet eten of drinken
  • Meermalen per dag braken
  • Hartkloppingen, flauwvallen, ernstige duizeligheid bij opstaan
  • Ernstige spierzwakte, niet meer kunnen traplopen
  • Suïcidale gedachten of zelfbeschadiging
  • Snelle gewichtsdaling (meer dan 1 kg per week) gedurende weken

Bij een psychische crisis in Nederland: 113 Zelfmoordpreventie 0800-0113 (gratis, 24/7), bij acuut levensgevaar 112 of naar de spoedeisende hulp. Voor jongeren: De Kindertelefoon 0800-0432. WEET en Ixta Noa houden informatielijnen voor naasten.

EAT-26 vs SCOFF — wat te doen als de resultaten verschillen

SCOFF is een gedragsscreening met 5 vragen. EAT-26 is een houdingsscreening met 26 vragen. Ze vangen verschillende dingen:

  • EAT-26 vangt het restrictief-anorectische houdingscluster (Dieting-subschaal) en het boulimie-preoccupatiecluster zeer goed.
  • SCOFF vangt gedragspatronen — braken, controleverlies, recent gewichtsverlies — die EAT-26 mist als de persoon de typische houdingen niet heeft geïnternaliseerd.

Als EAT-26 onder 20 is maar iets voelt niet goed, doe SCOFF als tweede check. Als beide negatief zijn maar je dagelijks uren met eetregels bezig bent, verdient die kloof een klinisch gesprek.

Gerelateerde tests

Beperkingen

  • Houdings-, geen gedragsscreening. Een score van 0 met dagelijkse eetbuien, braken of extreme restrictie blijft een klinisch probleem. Het officiële protocol stelt gedrag apart vast.
  • Restrictie-bias. EAT-26 is het gevoeligst voor restrictieve houdingen; onderdetecteert BED, atypische anorexia, ARFID en orthorexia.
  • Alleen volwassenen. EAT-26 is gevalideerd bij volwassenen en oudere adolescenten. Onder 14 jaar is ChEAT (Children’s Eating Attitudes Test) de pediatrische aanpassing.
  • Culturele kalibratie. Oorspronkelijke validatie in Noord-Amerikaanse populaties. Cut-off 20 is in veel landen gerepliceerd; waarden kunnen iets verschuiven in niet-westerse contexten.
  • Zelfrapportage onderschat. Eetstoornissen duwen naar geheimhouding. Eerlijke antwoorden zijn het waardevolst.

Privacy

Alle berekeningen vinden plaats in je browser. We zien, loggen of bewaren je individuele antwoorden nooit. Alleen een anoniem event (locale, ernstband) wordt naar een privacyrespecterende analytics-dienst gestuurd. Je kunt deze pagina vernieuwen, sluiten of delen — je antwoorden blijven alleen op dit apparaat.

Licentie en bron

EAT-26 is vrij beschikbaar voor klinisch en educatief gebruik onder de oorspronkelijke Garner-publicatie. Actuele scoringsinstructies en het officiële formulier worden bijgehouden op eat-26.com. Bron: Garner DM, Olmsted MP, Bohr Y, Garfinkel PE. The Eating Attitudes Test: psychometric features and clinical correlates. Psychological Medicine 1982;12(4):871-878. PMID 6961471.

Veelgestelde vragen

Wat betekent een EAT-26-score van 25?
25 ligt in de band boven de cut-off (20-78). Garner 1982 stelde 20 in als de drempel waarboven de auteurs een klinische evaluatie voor een eetstoornis aanbevelen. Een score van 25 is geen diagnose — het betekent dat het gerapporteerde patroon van houdingen dichter bij de klinische steekproeven ligt die Garner bestudeerde dan bij de algemene bevolking. De juiste volgende stap is een gesprek met je huisarts, een eetstoornisspecialist of psycholoog binnen de komende weken.
Vanaf welke score je zorgen maken?
20 is de officiële cut-off uit Garner 1982. Onder 20 raden de auteurs geen verdere actie aan op basis van de score alleen. Vanaf 20 wordt klinische evaluatie aanbevolen. EAT-26 meet echter alleen houdingen — als je braken opwekt, laxeermiddelen gebruikt, eetbuien hebt met controleverlies of meer dan 9 kg in 6 maanden bent kwijtgeraakt zonder bewust medisch plan, zijn die gedragingen los van de score relevant en verdienen een gesprek met een arts.
EAT-26 ≥ 20 — en nu?
Maak binnen 4 weken een afspraak bij je huisarts en neem deze score mee. Vraag om een eetstoornisbeoordeling of verwijzing naar een gespecialiseerde dienst. In Nederland werken huisartsen samen met de POH-GGZ, de generalistische basis-GGZ en met gespecialiseerde centra zoals Rintveld, Novarum, Human Concern en het Centrum Eetstoornissen Ursula. WEET, Trimbos-instituut en Ixta Noa houden informatie- en lotgenotenlijnen bij. Noem concrete gedragingen, niet alleen gevoelens — die vormen het behandelplan sterker dan de hoogte van de score.
Is EAT-26 een diagnose?
Nee. EAT-26 is een screeningstool — het geeft aan of een gestructureerde beoordeling de moeite waard is. De diagnose anorexia nervosa, boulimia nervosa, eetbuistoornis (BED), ARFID of OSFED vereist een klinisch interview door een GGZ-professional, meestal met DSM-5 of ICD-11, kijkend naar gedragspatronen, medische tekenen (gewicht, elektrolyten, vitale waarden) en ontwikkelingsgeschiedenis.
Anorexia, boulimie, eetbuistoornis — wat is het verschil?
Anorexia nervosa betekent een significant laag lichaamsgewicht voor leeftijd en lengte, intense angst voor gewichtstoename en een vervormd lichaamsbeeld. Boulimia nervosa betekent herhaalde eetbuien gevolgd door compensatiegedrag (braken, laxeermiddelen, vasten, excessief sporten), vaak bij normaal gewicht. Eetbuistoornis (BED) betekent herhaalde eetbuien met controleverlies zonder regelmatige compensatie, vaak bij hoger gewicht. EAT-26 pikt houdingen op die in alle drie voorkomen, scherper bij restrictie dan bij BED.
Mannen en eetstoornissen — geldt dit ook?
Ja. Ongeveer 1 op de 4 gevallen van anorexia en boulimie komt voor bij mannen of jongens, en BED is dichter bij genderpariteit. Mannen worden minder vaak opgemerkt door screenings, vragen minder vaak hulp en worden minder vaak verwezen. Als je score 20 of hoger is en je bent man, is de score even relevant — en de evaluatie even waardevol.
Waar past orthorexia?
Orthorexia — obsessieve focus op 'schoon' of 'gezond' eten dat andere levensgebieden verdringt — is geen formele DSM-5-diagnose maar wordt klinisch breed erkend. EAT-26 is ontwikkeld voordat het concept bestond en kan het missen. Als je score laag is maar je dagelijks uren bezig bent met eetregels, paniek voelt bij 'vervuiling' van voedingscategorieën of onbedoeld afvalt door restrictie, praat dan toch met een clinicus.
Tiener op dieet — wanneer ingrijpen?
Eerder dan later, en zacht. Eetstoornissen beginnen meestal tussen 12 en 25 jaar. Waarschuwingssignalen: maaltijden overslaan, in het geheim eten, intense interesse in calorieën, sport die als plicht voelt, sociale terugtrekking bij maaltijden, kleding die het lichaam verbergt. Praat vroeg met de huisarts of jeugdarts — onder 18 jaar zijn er evidence-based behandelingen (Family-Based Treatment / FBT, Maudsley-model) die het beste werken als ze snel starten.
Kan een eetstoornis bestaan bij normaal gewicht?
Ja. Atypische anorexia (volledige anorexia-psychopathologie bij 'normaal' of hoger gewicht), boulimie en BED treden vaak op bij gemiddeld of hoger gewicht. De medische en psychologische risico's zijn niet lager — elektrolytenstoornissen, hartrisico, maagschade en psychische belasting zijn gelijk. Gewicht is niet de drempel; gedrag en lijden wel.
CBT-E versus FBT — wat werkt?
Beide, voor verschillende populaties. Enhanced Cognitive Behavioural Therapy (CBT-E, Fairburn) is eerstelijnsbehandeling voor volwassenen met boulimie, BED en de meeste gevallen van anorexia bij niet-acuut gewicht. Family-Based Treatment (FBT, Lock & Le Grange) is eerste keus voor adolescenten met anorexia — herstelpercentages rond 50-60% na 12 maanden. Huidige richtlijnen (Zorgstandaard Eetstoornissen, NICE NG69, APA 2023) bevelen beide aan.
Hoe lang duurt herstel?
De meeste volledige herstellen vinden plaats binnen 5-7 jaar na start van de behandeling, met het grootste deel van de verbetering in de eerste 2-3 jaar. Voorspellers van sneller herstel: korte ziekteduur vóór behandeling, motivatie, gezinssteun of partnersteun, geen ernstige comorbide depressie. De grootste hefboom in de literatuur is vroege behandeling — data convergeren op de eerste 3 jaar als optimaal venster.
Hulp voor de familie van de patiënt
Gezinssteun is een van de sterkste voorspellers van herstel, vooral bij adolescenten. WEET, Ixta Noa en Stichting Anorexia en Boulimia Nervosa (SABN) bieden hulplijnen voor naasten, lotgenotengroepen en materiaal. Het Maudsley-model traint families specifiek voor herstel-eten thuis; bij volwassen patiënten verbeteren gezinsondersteunende benaderingen de therapietrouw. Je hoeft niet neutraal te zijn — bezorgdheid liefdevol benoemen mag.
Hoe praat ik met een dierbare?
Kies een rustig, privé moment — niet bij een maaltijd. Gebruik 'ik'-boodschappen ('Ik maak me zorgen omdat ik gemerkt heb…'), benoem concrete gedragingen (niet gewicht), vermijd moraliseren en becommentarieer het uiterlijk niet — ook niet positief. Bied aan mee te gaan naar de eerste huisartsafspraak. Verwacht ontkenning — dat is deel van de ziekte, geen persoonlijke afwijzing. Herhaal het hulpaanbod over weken, niet eenmaal. WEET en Trimbos publiceren gesprekssjablonen.
Kan de test zich vergissen?
Ja, in beide richtingen. Vals-positieven: ongeveer 20-30% van de mensen die boven 20 scoren in niet-klinische contexten voldoet bij beoordeling niet aan alle criteria, maar de meeste hebben eetgerelateerde zorgen die aandacht verdienen. Vals-negatieven: EAT-26 is het gevoeligst voor restrictieve houdingen, minder voor BED, atypische anorexia, ARFID en orthorexia. Als de score laag is maar iets voelt niet goed, doe SCOFF als tweede check of praat toch met een clinicus.
Zijn mijn gegevens privé?
Ja. Alle berekeningen gebeuren in je browser. Alleen een anoniem event (locale, ernstband) wordt naar een privacyrespecterende analytics-dienst gestuurd. Je individuele antwoorden verlaten het apparaat nooit. Je kunt deze pagina vernieuwen, sluiten of delen — je antwoorden blijven alleen op dit apparaat.

Bronnen

  1. The Eating Attitudes Test: psychometric features and clinical correlates — Psychological Medicine (Garner, Olmsted, Bohr, Garfinkel, 1982) (peer reviewed, retrieved 2026-05-18)
  2. The Eat-26: a comprehensive review of the literature — Journal of Personality Assessment (Mintz & O'Halloran, 2000) (peer reviewed, retrieved 2026-05-18)
  3. Zorgstandaard Eetstoornissen — Akwa GGZ — Nederlandse zorgstandaard (guideline, retrieved 2026-05-18)
  4. WEET — Wijzer Eten en Trauma (eetstoornisorganisatie) — WEET (medical society, retrieved 2026-05-18)
  5. Ixta Noa — herstelacademie voor eetstoornissen — Ixta Noa (medical society, retrieved 2026-05-18)